In het Stropersbos vinden we enkele tastbare overblijfselen van de Bedmarlinie. De markies van Bedmar begint aan de vooravond van de Spaanse Successieoorlog in ijltempo de grens te versterken. Hij herstelt oude verdedigingswerken en richt op strategische plaatsen nieuwe forten op. Waterlopen en verdedigingsdijken verbinden de forten. De volledige Bedmarlinie loopt van Nieuwpoort tot Hoei, maar het noorden van het Waasland krijgt bijzondere aandacht gezien het gevaar op vijandelijke uitvallen vanuit Hulst.
Vanaf Stekene loopt de linie in noordelijke richting langs de Stekense vaart. Ter hoogte van de Paal in Kemzeke buigt de linie af naar het oosten. Op deze strategische plaats bouwen de ingenieurs het fort Sint-Jan op de restanten van een klein fort uit de Opstand. Dit grote vierkante fort is relatief goed bewaard aan de westelijke ingang van het Stropersbos. Vanaf fort Sint-Jan loopt de Bedmarlinie dwars door het Stropersbos. De verdedigingsgordel bestaat hier uit een brede natte gracht en een aarden wal van enkele meters hoog en is op regelmatige afstanden van driehoekige uitstulpingen (redans) voorzien. De liniegracht is op een aantal plaatsen in het bos mooi bewaard.